Header Graphic

 

Welkom op  www.zeevissies.nl

 

 

 

Zeebaars (Dicentrarchus labrax)

Taxonomische indeling

Rijk:

Animalia(Dieren)

Stam:Chordata(Chordadieren)

Klasse:Actinopterygii(Straalvinnigen)

Orde:Perciformes(Baarsachtigen)

Familie:Moronidae

Leefomgeving:

De zeebaars komt zowel in zoet als zout water voor. Ook in brak water is de soort waargenomen. De vis prefereert een subtropisch klimaat en leeft hoofdzakelijk in de Atlantische Oceaan. Bovendien komt de zeebaars voor in de Middellandse Zee. De diepteverspreiding is 10 tot 100 m onder het wateroppervlak.

De zeebaars is een straalvinnige vis uit de familie van Moronidae en behoort derhalve tot de orde van baarsachtigen (Perciformes). De vis kan een lengte bereiken van 103 cm. De hoogst geregistreerde leeftijd is 15 jaar.

Het is een langgerekte vis met twee rugvinnen, de eerste stekelig, de tweede met zachte stralen. Borstvinnen voor op buik. Aarsvin met drie stekels. Kieuwdeksel met tanden op onderrand. Blauwe of grijze rug, zilverkleurige flanken, witte of gelige buik.

's Zomers zeer algemeen in kustwateren en estuaria rond rotsen en boven zand en modder. Grote exemplaren leven solitair, jonge vissen vormen scholen (scholenbaarsje).

Vraatzuchtige predator van andere vis, inktvis en kreeftachtigen. Wordt waargenomen rond de zuidkusten van Britse eilanden, verder zuidelijk langs Atlantische kust en in de gehele Middellandse zee.

Ook in riviermondingen en delta’s en trekken soms ook de rivieren op. Voedsel bestaat uit kleine kreeft- en garnaalachtigen, kleine visjes zoals zandspiering, haring, sprot en grondeltjes (dikkopjes).

Volwassen zeebaarzen vallen scholen vis vaak in teamverband aan.

Paait bij de Britse eilanden in de lente. Wordt in Europa slechts als bijvangst gevangen. Zeebaars is in Nederland niet zeer gewild en daarom ook zeer zelden verkrijgbaar.

Het is een echte krachtpatser! Een aanbeet van een zeebaars is duidelijk te zien , een enorme ram op de top , waarbij zelfs de strandhengel met steun en al tegen de vlakte kan gaan met alle gevolgen van dien.

En wat een krachtige vis! Tegenwoordig kan er in de zomer en herfst door iedere hengelaar die wat aandacht besteedt aan techniek en materiaal met grote kans en succes de zeebaars worden gevangen.

De zeebaars is namelijk met een gestage opmars bezig in onze kustwateren. Zeebaars heeft vooral een voorkeur voor rotsen, havenhoofden en strekdammen. Schooltjes zeebaars gebruiken dergelijke obstakels als hinderlaag.

Nietsvermoedende vissen die langs zwemmen, worden in een flits overrompeld. Belangrijke prooivissen zijn bijvoorbeeld zandspiering, sprot en haring. Toch worden ook inktvis, krabben en kreeften niet versmaad. Hoewel de zeebaars als sportvis in populariteit toeneemt, is er vrij weinig bekend over de biologie van deze vissoort.

Zo werd lang aangenomen dat de soort die we in onze kustwateren aantreffen zich alleen voortplant langs de Engelse zuidkust. Wel is bekend dat de voortplanting in april en mei plaatsvindt op een diepte van ongeveer 20 meter. Toch worden er in het Nederlandse kustwater steeds meer jonge zeebaarsjes gevangen. Zelfs visjes van nog geen 10 cm.

Het is moeilijk te geloven dat deze visjes afkomstig zijn uit de Engelse kustwateren. Er bestaat dan ook een sterk vermoeden dat de zeebaars zich ook in onze kustwateren voortplant. Waar precies is echter nog niet duidelijk.

Bij het naderen van de winter verlaat de zeebaars het Nederlandse kustwater om in het warmere water ten zuiden van Engeland en nabij de Franse kust te overwinteren.

De eerste vangsten worden meestal in het voorjaar gemeld. Aan het eind van oktober, soms begin november, is het helaas weer afgelopen met de zeebaarsvangsten.

In de zomermaanden is de zeebaars een van de weinige vissen die overdag vanaf de kant is te vangen. Je zult dan wel een stek moeten zoeken die een eindje van de overige strandgasten vandaan ligt, want werpen met ons ankerlood tussen een paar honderd vakantiegangers is vragen om moeilijkheden.

Gelukkig is dit meestal geen onmogelijke opgave, want juist de plaatsen waar je niet kunt of mag zwemmen zijn vaak typische zeebaarsstekken. Er staat op die plaatsen vaak te veel stroming en er liggen vaak veel stenen op de bodem.

Dit zijn de plaatsen waar je de zeebaars moet zoeken. Op deze plaatsen is voor de zeebaars meestal veel voedsel te vinden, zoals kleine visjes, krabben, garnalen en dergelijke. Op plaatsen waar het veel stroomt komen deze diertjes in moeilijkheden en vormen zo een gemakkelijke prooi voor onze rover.

Een nadeel is dat deze plaatsen echte onderlijnvreters zijn. Doordat het er op de bodem bezaaid licht met stenen, zul je regelmatig vast komen te zitten met je onderlijn en deze verspelen.

Veel zeevissers vinden de zeebaars de mooiste vis die met de hengel is te vangen. In ideale omstandigheden kan een zeebaars een meter lang worden en daarbij een pond of 16/17 wegen.

De wettelijke minimummaat bedraagt 36 cm.

Tegenwoordig vist men met de hengel heel gericht op zeebaars. Het is een schitterende sportvis, die geweldig tekeer kan gaan aan de hengel en bovendien voortreffelijk smaakt.

Waar en wanneer:

De zeebaars is vrijwel overal te vangen. Vooral daar waar steenstort en andere obstakels onder water zijn te vinden en waar het bovendien stevig stroomt, kan de zeebaars worden bevist. Vist men vanaf pieren en havenhoofden, dan heeft men vlak achter de keien en zelfs daartussen de meeste kans en vist men liever vanaf het strand, dan zijn een hoge branding en de vloed de ideale combinatie om vlak langs een golfbreker te vissen.

Bekende stekken zijn de pieren en havenhoofden van de Zuid- en Noord-Hollandse kust en stranden op en stroomgaten tussen onze Waddeneilanden.

Onze zeebaarzen zijn zomergasten, al moet men dat begrip erg ruim nemen, aangezien deze vissoort vaak al in april in ons kustwater verschijnt en pas in november weer verdwijnt naar de overwinterings plaatsen in minder koud water.

Zowel overdag bij donker weer als 's nachts is hij te vangen. Bij obstakels met een flinke stroming is hij bijzonder actief.

Hengel:

De hengelkeuze hangt af van de plaats waar je gaat vissen.

Vanaf een gewoon vlak strand, voldoet een strandhengel van 360 cm tot 420 cm het beste.

Wanneer je vanaf een dijk of steenstortingen vist, kan een iets kortere hengel wenselijk zijn. Een iets langere hengel zorgt er wel voor dat je de vis beter kan 'sturen'. Je komt dan niet zo snel tussen stenen vast te zitten en je hebt een betere controle.

De zeebaars wordt zowel op de klassieke manier met de hengel in de steun en de beaasde onderlijn op de zandbodem bevist, als actief met kunstaas, of met een dobber en het aas onder het zeeoppervlak.

Vist men vanaf de kant, dan volstaat de vertrouwde strandhengel van vier tot vijf meter. Steeds meer zeebaarsvissers kiezen echter voor een zware spinhengel of karperhengel, met daarop een groot formaat spinmolen, een karper- of lichte zeemolen, gevuld met gevlochten lijn.

Voor de zogenaamde 'scholenbaars', vissen van hooguit een kilo, kan lichter hengelmateriaal worden gebruikt en er zijn zelfs specialisten die deze vissoort aan de vliegenhengel vangen.

Lood en onderlijnen worden eigenlijk alleen voor het 'statisch' zeebaarsvissen in muien, zwinnen en langs golfbrekers gebruikt. Vist men vanaf de kant, dan wordt ankerlood gebruikt.

De onderlijn is veelal dezelfde die voor gul wordt gebruikt. Bij voorkeur de wapperlijn of een jojo en daaraan een vlijmscherpe en moeilijk te buigen haak nr. 1/0 of 2/0.

Kunstaas vraagt vanzelfsprekend niet om speciale onderlijnen, hooguit een stukje staaldraad of dikke lijn boven het kunstaas. En wordt met een dobber gevist, dan hangt daaronder een lange haaklijn, welke eventueel wordt voorzien van enkele loodhagels.

Aas:

Zeebaars is een echte rover, die behalve andere vissen ook graag krabben eet. Vooral zachte krab is een perfect aas voor grote baars. Bij het kantvissen met ankerlood en bij het bootvissen met lood en een lange wapperlijn, wordt veelal voor een hele verse zager gekozen.

Soms rijgt men die geheel op de haak, maar even vaak wordt deze alleen door de kop aangehaakt, zodat de rest van de zager blijft 'zwemmen' in het stromende water.

Zijn de zagers klein, dan kan men er meerdere op de haak prikken. Zeepieren worden in mindere mate genomen. En wie voor kunstaas kiest, kan vele kanten uit.

Bekende vangers zijn in ieder geval shads, jigs, twisters en combinaties van die twee, slanke lepels, pilkers en veren. Verspreiding van zeebaars

       

 

Real Time Web Analytics

Free counter and web stats


logozw

Zoeken op Google !

Aangepast zoeken

logozw